Wetenschappers claimen dat de gouden rijst het tekort aan vitamine A bij mensen zou kunnen verminderen. Andere organisaties hebben twijfels. Voor- en tegenstanders staan lijnrecht tegenover elkaar.
Vitamine A-deficiëntie is volgens de Wereldgezondheidsorganisatie in meer dan honderd landen een groot gezondheidsprobleem. Vooral in Afrika en Zuid-Oost-Azië vormt het de belangrijkste veroorzaker van blindheid bij kinderen. Door de eenzijdige voeding ontbreekt in veel gevallen de aanvulling van noodzakelijke voedingsstoffen uit andere producten, zoals groenten, vlees, of vis. Hierdoor krijgen vooral kinderen te weinig vitamine A binnen en kunnen zij als gevolg daarvan oogziektes krijgen, waardoor ze uiteindelijk blind kunnen worden.
Een groep van Zwitserse en Duitse onderzoekers slaagden er enkele jaren geleden in om een rijst te ontwikkelen met een hoger gehalte aan vitamine A. Golden rice is een genetisch gemodificeerde rijstsoort die geel van kleur is. Er zit extra bètacaroteen in het binnenste (endosperm) van de korrel. Bètacaroteen wordt ook wel pro-vitamine A genoemd. Het lichaam is in staat het bètacaroteen om te zetten in vitamine A. Bètacaroteen wordt aangemaakt door genen uit de narcis en een bepaalde bacterie, die door middel van een plantenvirus zijn ingebouwd in de gouden rijst.

Er kleven nogal wat haken en ogen aan de gouden rijst. De rijst die oorspronkelijk is ontwikkeld, kon slechts voor een deel in de vitamine A-behoefte van een mens voorzien. Volgens onderzoek voorziet gouden rijst (in een normaal dagelijks portie) in 10-20% van de dagelijkse behoefte. Om door gouden rijst voldoende vitamine A binnen te krijgen zou een persoon zo'n twee tot tien kilogram rijst per dag moeten nuttigen! Echter, nieuwe varianten zijn recent gemaakt die een veel hoger gehalte (ca 10 x) aan vitamine A bevatten. Praktische toepassing worden dus realistischer.
Maar de gouden rijst heeft nog meer schaduwzijden; in hoeverre wordt pro-vitamine A omgezet? Vitamine A wordt voornamelijk opgenomen wanneer het in combinatie met vetten wordt gegeten. De armste mensen hebben vaak niet meer dan een handjevol droge rijst en geen aanvullend vet eten. Wat betekent dat de pro-vitamine A niet wordt omgezet in vitamine A. Het is dan eigenlijk zinloos om speciaal gouden rijst te eten.
Naast de problemen met de voeding zijn er ook problemen voor de omgeving van de transgene rijstvelden. Transgene vitamine A-rijst kan uitkruisen. En onomkeerbaar vermengen met andere rijstsoorten. De vraag is welke milieurisico's dat oplevert. Het uitkruisen van gewassen moet niet alleen worden uitgedrukt in milieurisico's, maar ook in verlies van diversiteit van meest locale gewassen. Die zou door uitkruising totaal verloren kunnen gaan en daarmee zou een eventuele 'weg terug' voorgoed zijn afgesloten.
Naast de biochemische problemen zijn er ook nog de sociaal-economische problemen. De gouden rijst is bijvoorbeeld beschermd door talloze (meer dan zeventig) patenten en onduidelijk is hoe de rechten georganiseerd gaan worden. Degenen die de patenten bezitten, Monsanto e.a., mogen geld vragen voor het gebruik ervan. Degenen die van patenten gebruik willen maken, mogen dat niet doen zonder toestemming van de patenthouder. Hierdoor is het zaaizaad van de gele rijst wat duurder dan witte, zodat mogelijk enkel de rijken zich deze rijst kunnen veroorloven. Het belangrijkste betrokken bedrijf (Syngenta) heeft genereus aangekondigd dat gouden rijst vrij bruikbaar is voor de ontwikkelingslanden. Maar zelfs als dat zo is, is het de vraag of boeren in ontwikkelingslanden daar iets aan hebben.
Juist die landen waarvoor de gouden rijst wordt gemaakt staan van oudsher bekend om hun diversiteit van vitamine A-rijke gewassen. Dat er nu een gebrek is, komt door toegenomen armoede, ongelijkheid en gebrekkige toegang tot natuurlijke hulpbronnen. Een groentetuin van zo'n 30 m2 is voldoende om een gezin in Bangladesh van voldoende groenten en fruit als vitaminebron te voorzien gedurende het hele jaar. Consumptie van bijvoorbeeld 50 gram cassave bladeren per dag, geeft ook al voldoende vitamine A.
Mensen lijden honger, omdat ze arm zijn, niet omdat er te weinig voedsel is. Een groot deel van de wereldwijde oogst wordt aan vee gevoerd, in plaats van het direct voor menselijke consumptie te gebruiken.
Onmiskenbaar fascinerend, vindt dr. Guido Ruivenkamp van de leerstoelgroep Technologie en Agrarische Ontwikkeling aan Wageningen Universiteit de wonderrijst. In een artikel in de Volkskrant vertelt hij dat het probleem met de techniek is dat het nu als zaligmakend en als een oplossing voor een groot probleem wordt gepresenteerd. Maar waarom kunnen geen lokale gewassen worden geteeld die op natuurlijke wijze vitamine A op het menu brengen, zo vraagt hij zich af. Bovendien blijkt uit onderzoek dat in de Filippijnen en Vietnam het aantal mensen met een vitamine A-gebrek de laatste jaren in rap tempo afneemt.
Er is eigenlijk genoeg voedsel op de wereld om alle 6,8 miljard mensen te voeden. Er is zelfs te veel voedsel: één persoon heeft 2.350 kcal per dag nodig, maar er is voedsel voor 3.600 kcal per dag. Ondanks dit overschot aan voedsel krijgen 840 miljoen mensen te weinig te eten. Honger wordt niet veroorzaakt door een wereldwijd tekort aan voedsel. De oorzaak ligt eerder bij een te beperkte toegang tot natuurlijke hulpbronnen en productiemiddelen, zoals land en geld. Het is dan ook de vraag of het verhogen van oogsten via genetische modificatie (als dit al zou werken, want tot nu toe vallen de resultaten tegen) een oplossing biedt voor het wereldvoedselprobleem op de korte termijn.
Een grote zorg is echter hoe de mondiale voedselvoorziening in de toekomst kan worden uitgebreid. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie zal de wereldbevolking tussen 2000 en 2050 met 50% stijgen tot meer dan 9 miljard mensen. De huidige voedselproductie is dan dus wel binnenkort onvoldoende en het tekort zal het grootse zijn juist in de armste landen waar de bevolkingsgroei het hoogst zal zijn.
Genetische modificatie biedt dan wel extra mogelijkheden niet alleen voor een hogere opbrengst maar ook een verbeterde voedingswaarde en voor het vergroten van het productieoppervlak.