Gewenste voorkennis voor Gezond of ziek: een vouwtje verkeerd

Cellulair niveau

  • De leerling is bekend met de lokalisatie van het DNA in de cel, dus specifieke aandacht moet besteed zijn aan organellen als de celkern en het cytoplasma.
  • De leerling kent de subcellulaire structuur van een eukaryote cel zoals de celkern, het cytoskelet en in grote lijnen de organellen betrokken bij de eiwitsynthese.

Moleculair biologisch en moleculair scheikundig niveau

  • De leerling is bekend met de onderlinge samenhang tussen DNA, RNA en eiwitten.
  • De leerling kan uitleggen dat specifieke genen coderen voor specifieke eiwitten.
  • De leerling kan uitleggen dat een eiwit uit aminozuren is opgebouwd en dat eiwitten enzymatische en structurele functies kunnen hebben.
  • De leerling heeft kennis genomen van de chemische formules van aminozuren en eiwitten.
  • De leerling heeft weet dat functionele eiwitten een specifieke vouwing in een driedimensionale structuur bezitten.
  • De leerling bezit basiskennis over erfelijkheid en is bekend met begrippen als allel, gen, DNA en chromosomen.