Proefdiervrij

Genomics leidt volgens Frank Wassenberg van Proefdiervrij tot een stijging van het aantal dierproeven. Genetische manipulatie kost veel dierenlevens.

Waar staat Proefdiervrij voor?

Frank Wassenberg
Frank Wassenberg

Proefdiervrij is de advocaat van de proefdieren. Wij willen het gebruik van proefdieren in Nederland verminderen en uiteindelijk afschaffen. Proefdieren zijn alle ratten, muizen, honden, vissen, vogels en andere gewervelde dieren in Nederland die worden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek. Proefdiervrij zoekt vaak de publiciteit, om zo politici te bewegen om de wetgeving op dit terrein aan te scherpen. Ook zorgen we er voor dat de wetten goed worden nageleefd. Dat doen we door proefdieronderzoek in de rechtszaal aan te vechten als daar aanleiding voor bestaat. Dat is vaak het geval bij biotechnologie bij dieren.

Daarnaast zoekt Proefdiervrij de dialoog met wetenschappers om uit te zoeken hoe zij zonder of met minder proefdieren toch goed onderzoek kunnen doen. Ook geven we colleges op universiteiten waarbij we aandacht besteden aan de ethische bezwaren rond het grote gebruik van proefdieren.

Is Proefdiervrij actief op het gebied van genomics?

Genomics is een heel breed terrein. Genetische manipulatie van dieren is daar een onderdeel van. Proefdiervrij is hiervan tegenstander om een aantal redenen. Om te beginnen leidt de ingreep ´genetische manipulatie´ tot dierenleed; er zijn al gauw meer dan 150 dieren nodig om één genetisch gemanipuleerd dier te maken. Het verder fokken en experimenteren met de transgene dieren kost opnieuw veel proefdierenlevens. Bovendien worden met de technieken doorgaans allerlei afwijkingen ingebouwd in de dieren. Ook dat levert voor de dieren veel ellende op. Genetische manipulatie betekent dus dubbel ellende voor de proefdieren. Dat is de reden dat we vergunningen voor onderzoek met genetisch gemanipuleerde dieren waar mogelijk aanvechten, bij de overheid en bij de rechter.

Is Proefdiervrij tegen genomics?

Nee, zeker niet! Maar we zijn wel heel kritisch. Het moet niet leiden tot meer dierenleed. Onderzoek aan gekweekte cellen, waar verder geen proefdieren aan te pas komen, is op zich prima. Dat zou zelfs op den duur kunnen leiden tot een vermindering van het aantal proefdieren. Wij zijn ook niet tegen genetische manipulatie, maar wel tegen genetische manipulatie van dieren. Genetische manipulatie van eenvoudige organismen als gisten of bacteriën kunnen veel voordelen opleveren. Voor de mens, maar ook voor dieren, omdat dan bijvoorbeeld geen dieren meer gebruikt hoeven te worden voor de productie van medicijnen. Ook tegen genetische manipulatie zijn ethische bezwaren in te brengen, maar waar het Proefdiervrij betreft kan de balans hier in verschillende gevallen doorslaan naar de positieve kant.

Kun je genomics ook gebruiken om het gebruik van proefdieren te verminderen?

Dat is een belofte die nog eerst moet worden waargemaakt. Tien jaar geleden zei men dat genetische manipulatie zou leiden tot een kleiner aantal proefdieren. Om dat genetisch gemanipuleerde dieren precies zijn afgestemd op het onderzoek, zouden minder proefdieren nodig zijn, zo was de redenering. Maar de daling van het proefdiergebruik die zich na 1980 inzette, is de laatste jaren weer omgebogen tot een stijging. Dat komt vooral doordat genetische experimenten met dieren steeds vaker worden uitgevoerd, vooral met muizen. Van de 300.000 in Nederland gebruikte muizen is maar liefst één op elke drie muizen genetisch gemanipuleerd. Stier Herman en het kloonschaap Dolly kennen de meeste mensen wel, maar de vele tienduizenden gemanipuleerde muizen zijn een ver-van-mijn-bedshow.

En als we proefdieren vervangen door celkweekjes?

Als dat zou kunnen! Alleen werkt dat in de praktijk helaas niet. Er is veel wetgeving die bepaalt dat er per se proefdieren gebruikt moeten worden, bijvoorbeeld bij het testen van de werking van geneesmiddelen en de veiligheid van voedingsmiddelen. Testen waarbij geen dieren meer nodig zijn, bestaan in veel gevallen wel, maar ze zijn nog lang niet allemaal officieel erkend (gevalideerd). Dan mogen ze niet worden gebruikt in plaats van de proefdierentest. Bovendien zijn onderzoekers vaak nogal behoudend. Een laboratorium waar al jarenlang proefdieronderzoek wordt gedaan en waar veel deskundigheid is opgebouwd kan niet zo maar overgaan tot heel ander onderzoek.

Heeft Proefdiervrij dan geen oog voor alternatieven?

Zeker wel. Nederlandse onderzoekers kunnen ieder jaar voorstellen voor onderzoek naar alternatieven voor dierproeven indienen. Proefdiervrij beslist mee welke voorstellen overheidssubsidie krijgen. Genomics kan ook een rol spelen bij dit onderzoek. Maar genomics lijkt niet hét antwoord op de vraag te zijn hoe we het gebruik van proefdieren kunnen verminderen.