De overheid over genomics

DNA- en genenonderzoek (genomics) biedt kansen voor een gezonde en duurzame samenleving. Daarom stimuleert de overheid wetenschappelijk onderzoek. Tegelijkertijd geeft de overheid de grenzen aan van wat wel en niet mag. Zo is reproductief kloneren verboden en mag het genetisch modificeren van dieren niet, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om het wel te doen.

575 miljoen euro voor genomics

Om genomics-onderzoek te stimuleren hebben vijf ministeries gezamenlijk in 2001 het Netherlands Genomics Initiative in het leven geroepen. Dit initiatief heeft als taak in Nederland een wereldklasse infrastructuur op te zetten voor genomics-onderzoek. Daarvoor is in de periode van 2002 tot 2012 circa 575 miljoen euro beschikbaar. Met dat geld zijn 16 onderzoeksverbanden opgezet; grote samenwerkingverbanden van universiteiten en bedrijven. Deze onderzoekscentra verrichten onderzoek naar bijvoorbeeld gezondere voeding, antivirale therapieën en duurzame productieprocessen.

De vijf initiatiefnemers van het Regie-Orgaan zijn de ministeries van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM), Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV), Economische Zaken (EZ), Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OC&W) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Veiligheid van genetisch gemodificeerd voedsel is een belangrijk punt voor de volksgezondheid. Het ministerie van VWS laat elk product grondig onderzoeken, voordat het verkocht mag worden. Keuzevrijheid is een ander belangrijk aspect bij toepassingen van biotechnologie. Iedere consument in Nederland heeft het recht te weten wat hij eet. Hij moet kunnen kiezen voor voedingsmiddelen waarin wel of geen genetisch gemodificeerde organismen zijn verwerkt.

VWS richt zich ook op medische biotechnologie. Biotechnologische geneesmiddelen moeten een uitkomst bieden in de behandeling van bijvoorbeeld kanker, hart- en vaatziekten, diabetes en virusziekten zoals AIDS. VWS ziet in het bijzonder kansen in de toepassing van gentherapie en ondersteunt het onderzoek naar een goede overgang van het laboratorium naar onderzoek op mensen.

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen

OCW denkt dat genomics kansen biedt op verbetering van de kwaliteit van leven. Dit zal tot stand komen door preventie en bestrijding van ziekten; gezondere, veiligere en beter houdbare voeding; duurzame productiemethoden en meer inzicht in ecosystemen. Nederland heeft de ambitie om een belangrijke speler te worden op het terrein van genomics en bioinformatica.

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV)

Voor LNV staat  de kwaliteit van ons voedsel voorop. Het zorgen dat er goed gecontroleerd kan worden is een van de voornaamste taak van het ministerie. Een belangrijk onderdeel daarvan is Europese wetgeving voor de etikettering en traceerbaarheid van genetisch gemodificeerde organismen (ggo's) in levensmiddelen en diervoeders. Verder begeleidt LNV aanvragen voor het telen en verhandelen van genetisch gemodificeerde gewassen of zaaizaad en houdt het zich bezig met de vraag hoe eventuele kruising van ggo- en niet-ggo-gewassen is aan te pakken. Over biotechnologie bij dieren hanteert LNV het Nee, tenzij-beleid. Het genetisch modificeren van dieren mag alleen als er geen doorslaggevende ethische bezwaren bestaan tegen de toepassing. Genetische modificatie van dieren voor sport en vermaak mag sowieso niet.

Ministerie van Economische Zaken (EZ)

De toenemende kennis op het gebied van Life Sciences wil het ministerie van EZ benutten voor economische groei. Life Sciences vormen samen met informatie- en communicatietechnologie voor EZ het belangrijkste technologiegebied. Life Sciences en genomics beloven betere gezondheidszorg en voeding en duurzamere productieprocessen. Het economische belang van dit onderzoek neemt alleen maar toe. De omzet stijgt, het creëert steeds meer werkgelegenheid, en het vormt een stevige impuls voor Nederlandse Research & Development.

Door het stimuleren van Life Sciences-toepassingen bij bestaande bedrijven, door Life Science-starters te bevorderen en door buitenlandse investeerders aan te trekken, hoopt EZ de Nederlandse kennispositie te versterken.

Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM)

VROM vindt dat biotechnologie kansen kan bieden voor een duurzamere samenleving. Biotechnologie biedt namelijk de mogelijkheid om anders te consumeren en produceren. Met biotechnologie kunnen bijvoorbeeld organismen met nieuwe eigenschappen worden ontwikkeld, die productieprocessen veel schoner zouden kunnen laten verlopen.

Bij deze nieuwe toepassingen is veiligheid belangrijk. VROM is verantwoordelijk voor het beleid, de regelgeving en de uitvoering daarvan voor zover dit als doel heeft de bescherming van mens en milieu bij activiteiten met genetisch gemodificeerde organismen (ggo's).

Kansen verantwoord en zorgvuldig benutten

Genomics en biotechnologie bieden grote kansen voor duurzame landbouw, schonere productiemethoden, betere gezondheidszorg en een beter milieu. De overheid wil deze kansen graag benutten, maar daarbij moeten natuurlijk veiligheid, transparantie van de besluitvorming, keuzevrijheid voor de burger en ethische aanvaardbaarheid gewaarborgd worden. Onder deze randvoorwaarden stimuleert de overheid het verwerven van kennis en het ontwikkelen van nieuwe biotechnologische toepassingen.

De mening van de burger

De overheid houdt de samenleving op de hoogte van haar activiteiten op het terrein van genomics. De overheid is ook geïnteresseerd in de mening van de burger, via bijvoorbeeld het Centre for Society and Genomics of het Rathenau Instituut organiseert zij onderzoek en debatten over mogelijkheden en keuzes die genomics met zich meebrengt.